Dries Everaerts & Sven Gatz

Dries Everaerts en Sven Gatz (Open Vld) komen op geregelde tijdstippen samen. Ze verkennen elkaars leef- en werkwereld en schrijven daarover een verslag. Ze onderzoeken drie thema's: stedelijkheid, cultuurbeleid en de invloed van Europa op het dagelijkse leven. Klik op hun naam en je krijgt hun persoonlijke verslagen te lezen. Op het forum kan je discussiëren over hun bijdrage.

Dries Everaerts

Dries Everaerts (24) studeerde journalistiek en vult momenteel zijn dagen met tal van McJobs. Als kleine jongen speelde hij samen met de kinderen uit de buurt "parlementje" waarbij hij steeds weer de verkiezingen won. Niet moeilijk, hij knoeide steevast met de stembiljetten.

Dries vindt dat burgers de plicht hebben om op de hoogte te blijven van het reilen en zeilen van de politiek. Alleen zo kan een democratie naar behoren functioneren. Hij wil vooral meer weten over het functioneren van Brussel en de subsidieregeling in de cultuursector. Voorts vraagt hij zich af welke eigenschappen een politicus moet bezitten om succesvol te zijn, en hoe politici omgaan met het spanningsveld tussen kiezer, media, eigen partij en andere partijen.

Dries Everaerts

Naam: Dries

Voornaam: Everaerts

Woonplaats: Rillaar

BlackBerry Fields Forever…

De Brusselse binnenstad wordt gegeseld door regen en wind wanneer ik het Centraal Station verlaat. Ik bied weinig weerstand aan de elementen en laat de benenwagen me tot aan het kantoor van Sven Gatz brengen.

Na enkele nieuwjaarswensen te hebben uitgewisseld, steekt Sven meteen van wal: “Je hebt waarschijnlijk gehoord dat de Vlaamse Regering vannacht heeft besloten om twee miljard euro in KBC te pompen… De oppositie zit met enkele vragen en wil dit thema zo snel mogelijk behandeld zien. Vandaar dat ik straks mee ga overleggen om het onderwerp op de agenda te plaatsen.”

Eerst staat er nog een ander overleg op het programma, de politicus wordt immers verwacht op een informele bijeenkomst over de samenwerking tussen de stad Brussel en de rand. Deze vergadering vindt plaats in het gebouw van de Sociaal-Economische Raad van Vlaanderen (SERV), een overlegorgaan van de sociale partners. Ook de beleidscel en het secretariaat van Annemie Turtelboom (Minister van Migratie- en asielbeleid) zijn gevestigd in Wetstraat 34, zo blijkt…

Urban Hipster

Tijdens de wandeltocht naar de Wetstraat heeft Sven het over de aankomende verkiezingen en de campagne. Hij heeft een campagneteam rond zich verzameld. “In dat team zitten mensen met een heel verschillende achtergrond”, vertelt de Open Vld’er, “er zit een academicus in, maar ook één van mijn voetbalmaten, om mijn voetjes op de grond te houden.”

Sven broedt ook op het idee om een foldertje in het Nederlands, Frans en Engels te verspreiden. Niet drie keer dezelfde tekst in drie andere talen, maar wel één tekst met elke zin in afwisselend Nederlands, Frans en Engels. Hiermee zal hij de urban hipsters proberen aan te spreken.

Geen urban hipsters op de verkennende bijeenkomst in Wetstraat 34, wel zes heren van stand die vrank en vrij debatteren over de stadsregionale samenwerking in een Brusselse context. “We moeten een panorama schetsen van verschillende dossiers zonder daarbij te vervallen in clichés over de zogenaamde complexe Brusselse situatie”, aldus een aanwezige professor. Het gezelschap wenst te beginnen met enkele “neutrale” dossiers, zoals mobiliteit, zodat er een vertrouwensband kan groeien tussen stad en rand.

Madame Bovary

Een goede stadsregionale relatie kan beschamende praktijken uit het verleden vermijden. Zo werd de tram van Brussel naar Vilvoorde destijds afgeschaft omdat Vilvoorde bang was voor de instroom van Marokkanen. Ook Antwerpen kent soortgelijke voorbeelden…

De BlackBerry roept Sven vroegtijdig uit deze vergadering, de fractieleider wordt terug in het Vlaams Parlement verwacht. Op de terugweg praten we over zijn boek “Bastard”. Ik vertel hem dat vooral de passage over zijn moeder, die als een ware Madame Bovary doorheen het leven pikkelde, me heeft aangegrepen. “Dat hoor ik wel vaker”, antwoordt Sven, “ik wou een zo eerlijk mogelijk boek schrijven, dus die passage hoorde erin.”

Terwijl de vergadertijger de discussie over de twee miljard duiten agendeert, blijf ik achter in zijn kantoor. Sven heeft gemiddeld twintig vergaderingen per week en krijgt per dag vijftig tot honderd e-mails te verwerken. Een bijna onoverzichtelijke informatiebrij, lijkt me. Om de zaken enigszins onder controle te houden, rekent de liberaal op zijn ervaring én een papiertje met kernwoorden dat hij steeds bij zich draagt. Ook zijn BlackBerry, een in politieke middens overbekend gadget, blijkt in dezen een handig tooltje te zijn. “Ik zet hem alleen in de grote vakantie uit omdat ik het als fractieleider toch belangrijk vind om constant bereikbaar te zijn”, verklaart Sven.

Ik, Gert-Jan Dröge

De ene vergadering is nog maar pas afgelopen wanneer een andere zich al aandient. Deze keer vergezel ik de politicus naar een “evaluatie over de Europese werking van het Vlaams Parlement”. Op deze bijeenkomst zijn Europese parlementsleden als Frieda Brepoels (N-VA), Philip Claeys (VB), Bart Staes (Groen!), Ivo Belet (CD&V) en Dirk Sterckx (Open Vld) aanwezig, maar ook dus Vlaamse volksvertegenwoordigers als Sven Gatz. “Ik ga ook maar uit beleefdheid, omdat ze mij gevraagd hebben”, zegt hij in alle eerlijkheid, “Verwacht dus niet dat ik daar verklaringen ga afleggen.”

Als een volleerde Gert-Jan Dröge waad ik doorheen het eminente gezelschap. Er wordt gekeuveld en handen worden geschud. Vileine klapzoenen in het luchtledige blijven alsnog uit. Open Vld’ster Anne Marie Hoebeke houdt me voor de zoon van Sven Gatz. Gegniffel valt me ten deel. Ik daarentegen treur niet en leen mijn oor aan Vlaams parlementslid Eloi Glorieux, hij wijst me op de ijzerdraden die aan de muur van de vergaderzalen hangen. “Kunst”, verklaart Eloi, “bij de juiste lichtinval kan je woorden in de schaduwen lezen. Woorden over politiek, veeleer tegenstellingen.”

Wanneer de vergadering van start gaat, en ik net als iedereen ga zitten, ontdek ik dat mijn gulp al die tijd heeft opengestaan. Ik slik eens en voel me plots een wel erg bleke versie van Gert-Jan Dröge.

Russen kijken mee

Het doel van de avond is het resultaat van drie jaar Europese werking in het Vlaams Parlement te evalueren en te verbeteren. Aangezien ik het Europese project - hoe moeizaam het ook in onze leefwereld binnendruppelt - een warm hart toedraag, kan de materie mij boeien. Enkel het zoemen en beven van de BlackBerry’s doorbreekt sporadisch mijn concentratie. Politici lijken wel verliefde bakvissen wanneer het op sms’en aankomt, geen moment kunnen ze hun gsm met rust laten…

Een geamuseerd geroezemoes stijgt op uit de zaal wanneer blijkt dat de website van Dienst Europa (www.vlaamsparlement.be/diensteuropa) het meest bezocht wordt vanuit België, Nederland en… Rusland.

Sven verlaat vroegtijdig de vergadering, ik volg in zijn zog. De regen en wind hebben ondertussen plaats geruimd voor de duisternis. Ik lever mijn badge in en keer terug naar de plaats vanwaar ik kwam…

 

De bom in het Parlement

Hoog tijd om Sven Gatz te kussen, dacht ik en spoorde terstond naar Brussel. De Open Vld’er en ik hadden afgesproken in het Huis van de Vlaamse Volksvertegenwoordigers, zeg maar het administratieve hart van het Vlaams Parlement. Het Huis en Het Vlaams Parlementsgebouw worden momenteel met elkaar verbonden door “The Sequence”, een kunstwerk van Arne Quinze. Alvorens het Huis te betreden, wandel ik met mijn hoofd in mijn nek onder de oranje constructie door. Ik kan niet ontkennen dat ik een dikke boon heb voor dit monumentale, straight in your face, niet te negeren stuk kunst.

Eenmaal in het Huis stoot ik op de monumentale, straight in your face, niet te negeren kop van Eric Van Rompuy. De CD&V’er is een heus museumstuk in het Vlaams Parlement: hij was minister in de eerste Vlaamse regering en is vandaag de dag nog steeds Vlaams volksvertegenwoordiger. Ik knik hem dan ook eerbiedig toe.

Even later begeleidt een medewerker mij naar het kantoor van Sven. De blauwe fractieleider is net een broodje gaan halen en kijkt nog even zijn e-mail na. Ondertussen geef ik mijn ogen onbeschaamd de kost. Het decor wordt vooral gedomineerd door een sjaal en een vlag (een collector’s item, aldus Sven) van FC Brussels. Aan de muur hangt een schilderij in de stijl van Roy Lichtenstein waarin het hoofd van Sven Gatz een centrale rol vertolkt. Ik verleg mijn blikveld naar de buitenwereld en stel vast dat het fluorescerende hout van Quinze heerlijk contrasteert met de sombere Brusselse hoogbouw.

Sven neemt me na zijn lunch op sleeptouw in het Vlaams Parlement. Ik merk dat er een soort van koudwatervrees in mijn benen sluipt. Ik voel me een beetje als Reese Witherspoon die in de film “Legally Blond II” kennismaakt met de Amerikaanse politiek: héél erg blond. Ik sleep me over de drempel en besluit mijn domme uitspraken vakkundig te negeren.

Mijn nervositeit is nergens voor nodig. Het Vlaams Parlement doet er juist alles aan om zo laagdrempelig mogelijk te zijn, vertelt Sven. Inmiddels staan we in “De Loketten”, het informatiecentrum van het Vlaams Parlement. Er is een kantine, een souvenirshop en een tentoonstellingsruimte. En binnenkort kan men hier koffie slurpen in een box met verschillende etages, zo onthult de fractieleider.

Mijn gids kent nog meer interessante weetjes: tijdens de Tweede Wereldoorlog wilden de Duitsers een lanceerplatform voor V2-bommen tussen de parlementsgebouwen, toen nog eigendom van De Post, neerpoten.

De rondleiding voert ons langsheen de kunstcollectie van het parlement. Ik zie werken van Fabre, Raveel en Panamarenko. Soms zijn de stukken een beetje onhandig geplaatst, maar het doet me plezier dat de Vlaamse overheid doof blijft voor populistische stemmen die schreeuwen dat investeren in kunst geldverspilling is. Sven out zich als een bewonderaar van het werk van Ensor, Raveel kan hem dan weer minder bekoren. De Vlaamse schilderskunst krijgt trouwens een prominente plaats in het Vlaams Parlement. Verschillende kunstenaars van eigen bodem lenen hun naam aan een vergaderzaal. Zo is er een Antoon Van Dyckzaal, een Jan Van Eyckzaal en een Jeroen Boschzaal. Deze laatste bewijst meteen ook hoe relatief volkseigen cultuur kan zijn: in Nederland is de in ’s-Hertogenbosch geboren Bosch gewoon een Nederlander en geen Vlaming.

Ik krijg ook de gelegenheid om een commissievergadering mee te maken. Sven moet immers stemmen in de Commissie voor Algemeen Beleid, Financiën en Begroting. Wanneer ik de vergaderzaal binnenkom, wordt er net een discussie over hypotheekrechten gevoerd. Even later komt ook Vlaams Minister Dirk Van Mechelen binnenwaaien. De sfeer is gelaten, hier vallen geen harde woorden, de televisiecamera’s draaien immers niet. Er valt wel een technische term die mijn fantasie prikkelt: “meeneembaarheid”. Het doet me denken aan Jan Verplancke die in “Matroesjka's” enkele meisjes ging ronselen in Bulgarije. Hij verloor uiteindelijk alle meisjes aan een andere gangster, die “meeneembaarheid” viel dus lelijk tegen…

Later kom ik te weten dat meeneembaarheid betekent dat je de registratierechten die je op een vorige woning hebt betaald, kan aftrekken van de registratierechten die je op een volgende woning moet betalen. Spelenderwijs woordjes leren in de Commissie voor Algemeen Beleid, Financiën en Begroting noemt men dat!

De stemming wordt uiteindelijk uitgesteld en Sven loodst me mee naar zaal De Schelp waar een conferentie van het REGLEG-netwerk, een samenwerking van Europese Regio's met Wetgevende Bevoegdheid, aan de gang is. In De Schelp worden er wel meer bijeenkomsten georganiseerd. Zelfs het Davidsfonds durft er wel eens een feestje te bouwen…

We nemen de lift en net voor de deuren sluiten, komt Anissa Temsamani aanhollen. De mooie politica weigert echter in te stappen. De Axe onder mijn oksels blijkt op haar weinig effect te hebben…

In de Koepelzaal, alwaar de plenaire vergaderingen plaatsvinden, boren we een actueel thema aan: het uiteenvallen van VlaamsProgressieven. Sven heeft de breuk in de Volksunie van dichtbij meegemaakt en stond later aan de wieg van Spirit. Het vertrek van Bert Anciaux verbaast hem niet. ‘Bert denkt dat hij de partij belichaamt, een fenomeen dat je wel vaker terugziet bij stemmenkanonnen’, zegt Sven.

We keren terug naar het kantoor van de Brusselse liberaal en ik krijg de kans om nog enkele vragen te stellen. Mijn plankenkoorts is gelukkig helemaal verdwenen. We praten over zijn geliefde stad Brussel en zijn ideeën. Sven heeft een hekel aan politici die de burger achterna hollen. Hij bezoekt zelf recepties en andere festiviteiten om in touch te blijven met wat er leeft binnen de maatschappij, maar weigert de burger naar de mond te praten. ‘Ik vrees de dag dat ik niet meer mee ben en de maatschappelijke trends niet meer kan volgen’, bekent Sven, ‘Ik ben bang voor die ene verkiezing te veel.’

Bij het afscheid geeft Sven me nog een exemplaar van zijn boek “Bastaard” mee. Op de trein richting mijn geliefde boerengat onderwerp ik het aan een eerste kritische leesbeurt. Het mag gezegd worden: die Sven kan verdomd goed schrijven.

Volgend rendez-vous is voorzien in januari, dan gaat deze burger zowaar undercover!

De gevoeligheden van een fractievergadering

Door de gebruikelijke vertragingen van onze nationale spoorwegmaatschappij moet ik als een gek door de Brusselse binnenstad rennen om op tijd bij Sven Gatz te geraken. De tocht is een keiharde confrontatie met de beperkingen van mijn gestel. Ik snak naar een vleugje Evy Gruyaert, en eventueel naar één van haar Start to Run-podcasts.

Sven wacht me op in het Vlaams Parlement. Terwijl we naar de vergaderzaal stappen vertelt hij me dat hij een kalme opkomst verwacht. “De lijstvorming heeft bij bepaalde collega’s wonden geslagen en ik vermoed dat ze vandaag dan ook thuis zullen blijven,” aldus de fractieleider.

En inderdaad, van de 25 fractieleden die Open Vld heeft, komen er een tiental opdagen. Ook Vlaams ministers Dirk Van Mechelen (Financiën, Begroting en Ruimtelijke Ordening, tevens Viceminister-president) en Patricia Ceysens (Economie, Ondernemen, Wetenschap, Innovatie en Buitenlandse Handel) springen even binnen.

 

Een echte Patricia

Mevrouw Ceysens heeft een opvallend stevige handruk in huis, iets dat ik wel weet te appreciëren. Weemoedig denk ik terug aan de tijd dat we ’s nachts op pad gingen om kartonnen Patricia’s te roven. In 2004 voerde de minister namelijk campagne met verkiezingsborden die een gegeerd verzamelobject bleken te zijn. Niet dat wij toen hardcore liberalen waren, maar een kot was simpelweg niet compleet zonder een nepversie van Patricia. Later verhuisde mijn Patricia - onder zachte dwang van een toenmalig vriendinnetje – naar de zolder van het ouderlijke huis. En daar staat ze nog steeds…

Bij aanvang van de vergadering gaat de discussie nog steeds over de lijstvorming. Het is een leed dat over de partijgrenzen heen gedeeld wordt. Denk maar aan de openlijke aanvaring tussen Sp.a'ers Caroline Gennez en Anissa Temsamani. Bij Open Vld blijken de grootste problemen zich vooral in Oost-Vlaanderen en Antwerpen te situeren.

 

Aflaten verdienen

Voorzitter Gatz houdt zich echter aan de agenda en bespreekt het eerste punt. Zijn uitleg gaat verloren in het enthousiaste gebabbel van de drie Open Vld’ers die naast mij zijn komen zitten.

Het volgende punt behandelt een voorstel van Margriet Hermans. Zij wil de pelgrimsroutes naar Santiago de Compostella terug opwaarderen en aantrekkelijk maken voor toeristen. Francis Vermeiren, een man die naar eigen zeggen donkerblauw bloed door zijn aderen heeft stromen, vraagt zich luidop af of de invalshoek van het voorstel wel liberaal genoeg is. “We zullen toch geen aflaten moeten verdienen?” voegt hij er nog lachend aan toe.

De liberale invalshoek is zeker niet de enige gevoeligheid waarvan de Vlaamse liberalen wakker liggen. In de fractievergadering van vandaag hoor ik verschillende factoren langskomen waarmee de hedendaagse politicus rekening moet mee houden.

 

Op eieren lopen

Eerst en vooral is er natuurlijk de pers. Patrick Lachart uit zijn bezorgdheid over de wijze waarop een bepaalde visienota in de pers onthaald zal worden. Per slot van rekening staan er weer verkiezingen voor de deur. Een enkeling in het gezelschap maakt zijn beklag over “opportunistische” journalisten.

Er dient ook rekening gehouden te worden met het befaamde “middenveld”. Een persbericht over gemodificeerde gewassen moet met zorg worden opgesteld zodat de landbouworganisaties er geen aanstoot aan zouden nemen.

De liberale burgemeesters in het gezelschap, zoals Karlos Callens, hekelen de regelneverij van de Vlaamse regering. Sommige beslissingen die worden genomen op Vlaams niveau maken het besturen van een gemeente blijkbaar erg moeilijk.

De zogenaamde “actuele vragen” die in de plenaire vergadering worden gesteld, worden door een volksvertegenwoordiger omschreven als “een mes dat aan twee kanten snijdt”. Open Vld zit nu eenmaal mee in de regering...

 

Raveel in De Loketten

Het moet uiterst vermoeiend zijn om dag na dag met al deze gevoeligheden om te gaan. Toch krijg ik niet de indruk dat deze mensen er zich door laten demotiveren. Integendeel, de discussies zijn levendig en er worden zelfs een paar goede grappen gemaakt. Ik weet nu wel zeker dat politici een ras apart zijn. Hun ideologie is het penseel waarmee ze hun leven inkleuren en hun beslissingen ondertekenen. Ik begrijp best de charmes van zo’n leidraad, maar ik ben ook niet blind voor de gevaren. Immers, heeft de ideologie voor elk vraagstuk een antwoord klaar? En wanneer besef je dat de haren van je penseel te stug zijn om nog langer te gebruiken?

Na de fractievergadering betreed ik “De Wereld van Roger Raveel”, een tentoonstelling die nog tot 13 juni in De Loketten van het Vlaams Parlement loopt. Om van dit stuk een mooi afgerond geheel te maken zou ik eigenlijk moeten eindigen met nog een metafoor over kleurgebruik. Ik zou dan voorzichtig tussen de lijnen kunnen suggereren dat kunstenaars door hun rijkelijk gevuld kleurenpalet een vrijere geest en zo hebben… Misschien kan ik zelfs full throttle gaan door te beweren dat kunst de wereld kan redden. Maar Jezus toch, aan dergelijke clichématige lulkoek ga ik mijn vingers niet verbranden.

Gay Pride an Prejudice: een roze zaterdag met Sven Gatz

Antwerpen, 16 mei 2009. Aan de voet van de Stadsschouwburg laten de marktkramers hun stem over het Theaterplein schallen. Op deze vroege zaterdagochtend kunnen wortelen, prei en komkommers me eigenlijk gestolen worden. Ik vlucht de schouwburg in en laat het programmacongres van Open Vld tot mij komen...

Eerste vaststelling: de "open" in Open Vld staat er niet zomaar... ik heb geen lidkaart, heb me niet vooraf ingeschreven, en toch geraak ik probleemloos binnen. Ik hoef dus niet -à la Uninvited- te knoeien met valse polsbandjes en toegangspasjes. "Je mag wel niet stemmen," deelt een medewerkster me mee.

Aha, stemmen...? Ik ben dol op stemmen! Het land wordt schots en scheef getrokken door al de stembusgangen die we hier hebben, maar ik maak telkens weer met veel plezier gebruik van mijn democratisch recht. Vandaag wordt er gestemd over de amendementen die al dan niet worden opgenomen in het programma van de Vlaamse liberalen. Elke lid kon amendementen indienen en krijgt de kans deze te verdedigen. De amendementen werden verdeeld over vier werkgroepen. Sven Gatz is voorzitter van de werkgroep Creativiteit (sport, cultuur, jeugd, toerisme en media).

Tweede vaststelling: weinig volk in de zaal. "Veel collega's zijn niet komen opdagen omdat ze nu de markten aan het doen zijn," geeft Sven later toe. Hij raadt me ook aan om een kijkje te nemen in de werkgroep Kansen: "Daar zal wat meer animo zijn.".

 

Putain, putain

En inderdaad, wanneer ik de bewuste werkgroep betreed, hoor ik Roland Duchâtelet (oprichter van Vivant, kartelpartner van Open Vld) een bevlogen betoog voor administratieve vereenvoudiging afsteken. Het regent bevlogen betogen in deze werkgroep, zo blijkt. Sommige houden steek, andere verzanden dan weer in een puur taalkundige discussie. "Onderschat nooit de draagwijdte van een woord..." vertrouwt een medewerker me hierover toe.

Het middaguur nadert en ik begeef me terug naar de lobby. Ik tref er Sven aan die een praatje slaat met Guy Vanhengel. De Brusselse minister staat vrolijk op zijn benen te wiebelen. "Ik ga vanmiddag naar de wedstrijd Anderlecht - Racing Genk kijken," verklaart de ket. Hij heeft nog meer heuglijk nieuws: "Arno vond uw boek Bastaard goed, Sven." De fractieleider is duidelijk onder de indruk van deze welklinkende loftrompet. Vanhengel gaat door: "En wat meer is: hij gaat op ons stemmen!" De Belgische rocker stemt dus blauw... Vive ma liberté, n'est-ce pas?

Sven en ik laten het congres achter ons, en in zijn blauwe Citroën C5 rijden we van Antwerpen naar Jette. Onderweg heeft de Open Vld'er het over de zaak Vijnck ("betreurenswaardig"), Bart De Wever ("elk debat met hem is een oorlog") en bier. Sven blijkt een zytholoog te zijn. In zijn vrije tijd brouwt hij zijn eigen bier en hij droomt zelfs van een kleine brouwerij.

 

Damn! I wish I was a lesbian

We springen nog even binnen in Sven's crib voor een snelle hap. Zijn tienerzoon hangt voor de buis. "Waarschijnlijk voor de rest van het weekend," lacht de pater familias. Twee sneetjes bruin brood later vertrekken we naar de Brusselse binnenstad. Sven vertelt dat hij elk jaar naar de Gay Pride gaat:  "Vorig jaar waren we met drie Open Vld'ers, nu gaan we waarschijnlijk met meer zijn..."

De verkiezingstijd lokt inderdaad een ruime, blauwe delegatie naar de holebiparade. Maar ook andere politieke bewegingen laten vandaag maar al te graag zien hoe ruimdenkend en progressief ze wel niet zijn. Zo staat N-VA'er Jan Peumans, met zijn brilletje kenschetsend op de neuspunt, geamuseerd toe te kijken. Ook de jongens en meisjes van Jeunes MR huppelen doorheen de multiseksuele massa.

Het is de bedoeling dat de verschillende politieke windrichtingen meelopen in de optocht. Open Vld heeft speciaal voor de gelegenheid twee spandoeken met daarop de boodschap "minder oordelen, meer graag zien" laten drukken. Een medewerker van Herman Schueremans voelt er niet veel voor om een zijde van zo'n banier vast te houden en vraagt of ik het niet wil doen. Zonder veel nadenken - iets dat me wel vaker overkomt - stem ik toe. En zo loop ik dus op roze zaterdag mee in de Gay Pride, met een spandoek van Open Vld  in mijn handen... Een carrière als onafhankelijke wetstraatjournalist kan ik nu wel voorgoed op mijn buik schrijven, denk ik wanneer de bontgekleurde Karavaan zich op gang trekt.

 

I was dancing in a lesbian bar

Maar ach, een minuut later is de pijn van het zijn alweer verdwenen. Ik verkeer immers in de onmiddellijke nabijheid van Kamerlid Katia della Faille, een mens kan het slechter treffen... Ook de sfeer is goed. Een drumband zorgt voor opzwepende ritmes terwijl een groepje Desperado drinkende emomeisjes mijn spandoek helpt vasthouden. Ook leutig om te zien: telkens wanneer er een televisiecamera in de buurt komt, gaan de politici automatisch een stapje trager. Wat zijn we weer goed geconditioneerd vandaag...

En zo sluip ik naar het einde van dit stuk toe, 4.880 tekens (met spaties)... lang genoeg, me dunkt... Euh, ik had een erg aangename namiddag. Het was heel plezant, tot volgend jaar! Daaaaaaaag!


* Tussentitels: "Putain Putain" van TC Matic, "Damn! I wish I was a lesbian" uit "My Best Friend" van Hello Saferide en "I was dancing in a lesbian bar" van Jonathan Richman. YouTuben die handel!

Nog een paar nachtjes wakker liggen..

Nog een paar nachtjes wakker liggen en ik kan net zoals 7.754.051 andere Belgen weer naar het stemhokje trekken. Traditiegetrouw parkeer ik me, na mijn stem te hebben uitgebracht, voor de treurbuis om het politieke spektakelstuk vanop een veilige afstand gade te slaan. Kopstukken worden immers onthoofd, nieuwe leiders staan op, teleurgestelde militanten verlaten het hoofdkwartier, de ene “neemt zijn verantwoordelijkheid”, de andere “gaat een stevig pintje drinken”… Altijd hetzelfde, nooit echt anders, maar altijd even boeiend.

 

Deze keer zal één kandidaat mijn bijzondere interesse wegdragen. Niet omdat ik hem mijn stem heb gegeven - zijn kieskring is namelijk de mijne niet - wel omdat ik hem dankbaar ben voor de moeite die hij in dit project heeft gestoken, wat in een verkiezingsjaar zeker niet vanzelfsprekend was. Ik zou deze alinea kunnen besluiten met lofuitingen over zijn gedrevenheid en persoonlijkheid, maar het stockholmsyndroom heeft zo te horen al genoeg schade aangericht...

 

Deze laatste afspraak met "mijn politicus" Sven Gatz is voor mij het sluitstuk van dit project. Het rendez-vous vindt plaats in het Beurskaffee, alwaar TV Brussel een debat tussen de Brusselse lijsttrekkers voor het Vlaams Parlement opneemt. Ik ben enigszins te vroeg en besluit door onze zonovergoten hoofdstad te dolen. Ergens ter hoogte van een Chinese supermarkt kom ik tot de vaststelling dat deze verkiezingscampagne niet lang op mijn huid zal blijven kleven. Er is niet veel dat me uiteindelijk zal bijblijven. De strijd om de zorg, misschien... De scheldpartij van Tobback, mogelijk... Het feit dat de VRT steeds debielere analyseapparatuur van stal haalt, dat zeker...

 

De hitte die zich in het betonnen bos heeft vastgezet, slaat over op mijn gemoed en al snel verval ik in bodemloos gepeins. Ik slenter terug naar de August Ortsstraat en wandel de Beursschouwburg in. De hal is voor de gelegenheid omgevormd tot een regiekamer. Een paar mannen volgen op een piepkleine monitor een interview met Piet Deslé (LDD).

 

Dra mogen de Brusselse lijsttrekkers voor het Vlaams parlement aan de debattafel plaatsnemen. Sven Gatz betreedt de arena met een fris geknipte coupe. Nemen ook plaats aan de tafel: Brigitte Grouwels (CD&V), Johan Demol (VB), Karl Vanlouwe (N-VA), Jan Vandenbussche (LDD), Luckas Vander Taelen (Groen!). De laatste deelnemer, Yamila Idrissi (sp.a), blijft een tijdje hangen in de schminkkamer. Ondertussen worden de microfoons getest, elke kandidaat moet iets zeggen om te horen of het geluid goed is afgesteld. Brigitte Grouwels begint over massages die ze aan haar huisgenoten heeft toegediend nadat Anderlecht de landstitel misliep. Een geluidsman legt haar gelukkig het zwijgen op. Sven Gatz geeft uiting aan zijn meest onrealistische dagdromen: “FC Brussels heeft Lionel Messi gekocht.” Johan Demol zegt iets over de straat waarin hij woont, de Regenboogstraat. “Een mooie naam voor een straat,” besluit de gewezen politiecommissaris.

 

Wanneer Yamila Idrissi de televisiestudio betreedt, kan Guy Polspoel het debat op gang trekken. Het eerste onderwerp van de namiddag: onderwijs. Brigitte Grouwels krijgt het woord. Niet voor lang, een geluidsman komt haar immers vriendelijk vragen of ze haar oorbellen wil uitdoen want de hangers “verstoren het geluidssignaal”. Na dit kleine oponthoud kan er verder worden gepraat. Er komen nog drie thema’s aan bod: zorg, mobiliteit en financiën. Sven vecht enkele verbale robbertjes uit met zijn collega’s van N-VA en LDD, maar de vlam slaat niet echt over op het debat. Er zitten te veel mensen aan tafel en de tijd is te beperkt om een punt te maken.

 

Na een vijftigtal minuten is het afgelopen. Sven wendt zich tot de zoon van een vriend met de vraag: “En? Weet je nu al op wie je gaat stemmen?”. De jongen blaast eens. “Het was niet echt verhelderend,” geeft Sven toe, “De spreektijd was te kort…”

 

Ik zoek de stadslucht op en blijf nog even hangen aan de Beursschouwburg. Sven wandelt even later, in gezelschap van zijn vrouw, naar buiten. We schudden elkaar de hand en nemen afscheid.

Sven Gatz

Sven Gatz (Open VLD) is een Brusselse liberaal met een breed engagement. Hij gelooft in principes maar is ook een pragmaticus.

Deze prille veertiger is vooral een Brusselse Vlaming, een Vlaamse Brusselaar, die de belangen van het Nederlands in de hoofdstad verdedigt en uitbouwt.

Als een echte Brusselse ket met een warm hart voor zijn stad, heeft hij niet alleen aandacht voor de grootstad Brussel, maar voor alle steden in België. Zo bepaalt hij - als initiator van Stadslucht Maakt Vrij - mee het debat over open, leefbare en bruisende steden in Vlaanderen, België en de wereld.

Sven Gatz

Naam: Sven

Voornaam: Gatz

Woonplaats: Jette-Brussel

Politieke functies:

  • Vlaams Volksvertegenwoordiger voor Brussel
  • Fractieleider voor Open Vld in het Vlaams Parlement
  • Gemeenteraadslid in Jette

Favoriete citaat: