Ons kiessysteem en het federaal parlement

We weten allemaal hoe moeilijk het was om na de verkiezingen van vorig jaar in juni een regering samen te stellen. Maar we begrijpen niet waarom het zo lang duurde. Ik vraag uitleg aan Bart.

Ons kiessysteem is proportioneel. Dit is in tegenstelling met het principe van “De winnaar pakt alles” zoals bijvoorbeeld in Frankrijk. In het federaal parlement zijn 150 zetels te verdelen: 88 langs Vlaamse kant en 62 langs Franstalige kant. Afhankelijk van het aantal stemmen dat een partij haalde, wordt de zetelverdeling opgemaakt. Na de vorige verkiezing is dit het resultaat:

 

- CD&V: 24

- Open VLD: 18

- Vlaams Belang: 17

- sp.a - Spirit: 14

- N-VA: 6

- LDD: 5

- Groen: 4

- MR: 21

- PS: 20

- CDH: 10

- Ecolo: 8

- FDF: 2

- FN: 1

 

Er is dus geen enkele absolute meerderheidspartij. In het parlement worden beslissingen genomen volgens het principe de helft + 1. Dit betekent dat er minstens 76 stemmen moeten zijn om iets goed of af te keuren. Dus gaan partijen in onderhandeling met elkaar om tot een meerderheidscoalitie te komen. Maar natuurlijk wil elke partij bepaalde garanties dat punten uit haar programma gerealiseerd worden. En dit kan tot hevige discussies leiden.

Na lange onderhandelingen werd een akkoord bereikt tussen CD&V, Open VLD, Nv-a, MR, CDH en FDF. Dit bracht het totaal aantal zetels op 81. Genoeg dus om beslissingen te kunnen nemen volgens het principe de helft + 1. Maar als een regering ook een staatshervorming wil doorvoeren is er een tweederde meerderheid nodig. Er moeten met andere woorden 100 van de 150 leden akkoord gaan. Daarom werd ook de PS in de regering opgenomen en zo werden 101 zetels verkregen.

Omdat het nog niet helemaal en allemaal duidelijk is voor mij, stuur ik graag deze foto mee. Daar kunnen jullie mee genieten van de manier waarop Bart de regeringsformatie op ons bord tekende.

Myriam

 

 

© 2008 - 2010 De Wakkere Burger / webontwikkeling transVORM /